‘Aan de slag’ is de boodschap van de nieuwe ministersploeg. Onderdeel van het aan de slag gaan is het afsluiten van een convenant gewasbescherming tussen overheid en bedrijfsleven. Dit is een uitdrukkelijke taak die in het regeerakkoord is afgesproken. Convenanten lijken zinvolle afspraken tussen betrokkenen maar zijn tegelijkertijd ongrijpbaar omdat er naast wetgeving en wederzijds vertrouwen geen wettelijke basis is. In geval van een convenant over gewasbescherming stappen we in een nieuwe manier van omgang tussen overheid en bedrijfsleven.
Ratio en emotie
Dat de omgang tussen overheid en bedrijfsleven aandacht nodig ligt voor de hand. De overheid toont een weinig consistente visie op wetgeving en blijkt beïnvloedbaar door maatschappelijke organisaties. Daarnaast wordt ratio en emotie nogal eens aan elkaar verbonden. Het bedrijfsleven investeert in toekomstbestendige teeltsystemen en kiest daarbij op korte termijn voor zekerheden uit het verleden. Simpelweg omdat de onderzoeksresultaten nog te veel onzekerheden laten zien. Daarbij laten ook ketenpartijen zich beïnvloeden door zowel rationele als emotionele argumenten. Reden genoeg om af te spreken hoe overheid en bedrijfsleven met elkaar omgaan: wanneer acteren we op basis van wetenschap, de ratio en wanneer spreken we elkaar aan op sentiment, de emotie. Onderdeel van een hernieuwde omgang tussen bedrijfsleven en overheid is inzicht in elkaars uitdagingen en beperkingen. Daarbij moet de landelijke overheid duidelijk zijn wat wel en wat niet Europees is en moet de teeltsector duidelijk zijn over wat wel of niet markteisen zijn. Een gezamenlijke verantwoordelijk.
Rust en ruimte
Dat betekent voor een convenant gewasbescherming een aantal zaken:
Het bedrijfsleven investeert in een innovatieve onderzoeksagenda met een duidelijke stip op de horizon en helder omschreven mijlpalen in de innovatieroute.
De overheid conformeert zich aan het vastzetten van wetgeving op zeker moment, een status quo zogezegd. Geen wijzigingen zonder dat er alternatieve mogelijkheden zijn ontwikkeld uit de innovatieve onderzoeksagenda.
Zowel overheid als bedrijfsleven creëren daarmee rust en ruimte voor constructief overleg. Het bedrijfsleven conformeert zich aan het maatschappelijke speelveld waar de overheid verantwoording voor heeft en de overheid volgt en ondersteunt de innovatieagenda van het bedrijfsleven.
Met deze basisafspraken creëren bedrijfsleven en overheid tijd, rust en ruimte om een gezamenlijke doelstelling na te streven. Een basis voor een continu gesprek dat leidt tot een eenduidige boodschap naar de samenleving.
Randvoorwaarden
Voor zo’n convenant zijn wel een aantal randvoorwaarden noodzakelijk. Een innovatieagenda heeft geen fundament als er geen visie aan ten grondslag ligt. Immers zonder visie is een stip op de horizon geen uitgekristalliseerd punt maar een veranderlijke fata morgana. Het bedrijfsleven moet de verantwoordelijkheid nemen voor een toekomstvisie. De overheid kan niet anders dan faciliterend en uitvoerend zijn in visie vorming.
Randvoorwaarden voor de overheid is het tonen van betrouwbaarheid en eenduidigheid. Een regionale overheid die een andere uitvoeringsagenda heeft dan de landelijke overheid is ongeloofwaardig en past in niet binnen de noodzakelijke randvoorwaarden. Een overheid die zich ad hoc door politiek en NGO’s laat sturen is ook niet betrouwbaar.
Aangepast onderzoek
De innovatieagenda moet meer zijn dan het verder verfijnen van het bestaande teeltsysteem. Nieuwe teeltmethoden moeten bedacht en getest worden. Geen keuze voor enkelvoudige richtingen waarin de innovatie gedwongen wordt maar een open houding voor meerdere duurzame teeltsystemen met biologisch als één van deze teeltsystemen. Dat betekent dat onderzoeksorganisaties eveneens aangepast gedrag moeten gaan vertonen. Proeven met een enkelvoudige variabele in vier herhalingen volstaan niet in de zoektocht naar nieuwe teeltsystemen. Data uit zowel onderzoek als praktijk liggen aan de basis voor nieuwe onderzoeksresultaten. Ook nieuwe techniek is essentieel. Sensoren, rekenkracht, kunstmatige intelligentie zijn niet alleen noodzakelijk voor het onderzoek maar zijn ook essentieel onderdeel van toekomstige duurzame teeltsystemen.
Het ontwikkelen van een convenant gewasbescherming is net even wat meer dan opschrijven wat er de komende jaren gaat gebeuren. Zorgen voor eigenaarschap voor het convenant en als convenantspartijen durven achter het convenant te gaan staan is noodzakelijk. Dat vraagt meer dan een inhoudelijk goed rapport. Dat vraagt wil, lef en daadkracht van zowel het bedrijfsleven als van de overheid.