Hoe de wereld kan veranderen: vier aar geleden was de belangrijkste onderzoeksfocus in de bladgewassen, beheersing van Bremia. Direct na start van het onderzoeksprogramma is de focus totaal omgedraaid naar luisbeheersing. Dat is weliswaar soepel omgaan met omstandigheden maar het is tegelijkertijd zorgelijk dat de onderzoeksagenda wordt bepaald door actualiteit. En de actualiteit is een luizenprobleem door het wegvallen van systemische middelen. 

Beheersstrategieën

In het onderzoek is dit opgepakt door alternatieve beheersstrategieën te toetsen. De inzet van insectengaas, de inzet van bankerplanten voor natuurlijke vijanden en het uitzetten van natuurlijke vijanden in de vorm van gaasvliegeitjes zijn oplossingsroutes die getoetst zijn in de bladgewassenteelt. Met weliswaar perspectiefvol inzicht maar geen betrouwbare oplossingen die de luizenproblematiek op dit moment beheersbaar houden. 

Resistentie

Naast onderzoek zijn er ook inspanningen van de keten. Veredelaars hebben al meer dan 10 jaar geleden veredelingsprogramma’s opgezet met resistenties tegen nasonovia. Met resultaat maar eigenlijk met nog niet afdoende praktijkervaring. Het pleit voor Enza en Rijk Zwaan dat ze rassen die nog niet helemaal praktijkrijp zijn toch klaar hebben kunnen maken voor praktijk gebruik. Niet zonder zorgen overigens. Alleen leunen op resistente rassen tegen in dit geval Nas1, betekent een heel groot risico op resistentieopbouw. De noodzaak om naast resistente rassen ook andere maatregelen te blijven nemen is heel groot voor het in stand houden van het totale beheerssysteem.

Keten

Ook de andere kant van de keten toont inspanningen. Tijdens de sla ketendag afgelopen september stonden kwaliteitsmanagers van de drie grote snijderijen gezamenlijk voor het publiek om duidelijk te maken dat ze zoeken naar manieren om ijsbergsla in de snijderij een extra wasbeurt te geven om de luizen e uit te spoelen. Geen maatregel die de teler ontslaat van beheersmaatregelen maar een oplossing in de keten die onderdeel is van een geïntegreerde ketenaanpak voor beheersing van luizen.

Vrijstellingen

De bladgewassensector heeft afgelopen driekwart jaar veel energie gestopt in het uitleggen van de noodzaak voor uitzonderingen. Samen met LTO, Plantum en VGO zijn uitgebreide dossiers ingeleverd en inhoudelijke gesprekken gevoerd om vrijstellingen te organiseren. Vooralsnog niet met een vrijstelling als resultaat maar wel met het resultaat dat overheid, toelatingsorganen en controleurs doordrongen zijn van de problematiek en de noodzaak. 

Wet

Geconstateerd moet worden dat de wetgeving achterloopt bij de inspanningen van het bedrijfsleven. De vrijstellingsaanvraag voor een plantbehandeling stuit op problemen in de wetgeving die verlangt dat er een knelpunt in de opkweek is. Terwijl het bedrijfsleven in ketenverband oplossingen ontwikkeld, is de wettekst gefocust op één schakel van de keten. 

Lessen

De veranderde focus in het onderzoek en de zoektocht waarbij alle betrokkenen van toelatingen worden aangesproken leert een aantal zaken waar de bladgewassentelers in de toekomst anders in moeten acteren. Belangrijk daarbij is dat repareren van zaken die in het verleden besloten zijn vooral negatieve energie geeft. Vroegtijdig signaleren van verdwijnen van middelen of ander gereedschap creëert ruimt en tijd om actie te zetten en om alternatieven uit te zetten. Nu moet onder stoom een kokend water een vrijstelling worden geregeld terwijl vroegtijdig inzicht een constructievere agenda had kunnen worden ontwikkeld. Dat betekent dat de relatie met toelatingshouders intensiever moet. Een relatie die niet gebaseerd is op knelpunten maar op strategische samenwerking en een gezamenlijk agenda.

Daarnaast is meer inzicht in wetgeving noodzakelijk. De vrijstellingsmogelijkheden in Nederland t.o.v. omringende landen zijn beperkt. Dat moet onder de aandacht en daar moet verandering in komen. 

De teeltproblemen moeten keten breed bekend zijn en keten breed opgelost worden. De verantwoordelijkheid voor achterhaalde wetgeving, beperkte mogelijkheden tot vrijstellingen kunnen niet alleen de verantwoordelijkheid zijn van de producerende teler. De verhoudingen in de keten moeten anders en de risicoverdeling moet opnieuw worden verdeeld. 

De bladgewassensector en de hele vollegrondsgroentesector heeft maatschappelijk een gouden toekomst. Maar om deze gouden toekomst in te vullen is het noodzakelijk om de betrokken partijen in de keten in de wetgever de juiste kaders te laten maken. Omstandigheden om de gouden toekomst in te vullen zijn niet meer exclusief door de teler te maken. De afhankelijkheid van overheid en keten is essentieel om de toekomst ook te kunnen realiseren. Deze les moet worden omgezet in actie. 

Deel dit bericht